Deelname aan de werkplaats stimuleert netwerkontwikkeling en professionalisering

In deze masterscriptie stond de vraag centraal of binnen de werkplaats contacten ontstonden tussen verschillende groepen deelnemers en wat de onderlinge contacten hen hebben opgeleverd.

Zowel leraren, als onderzoekscoördinatoren en onderzoeksbegeleiders ontwikkelen binnen de werkplaats netwerken en komen zo in contact met andere actoren in andere functies. De aard van de contacten verschilt evenals de waardering. Contacten tussen onderzoeksbegeleiders en leraren zijn veelal concreet en praktisch van aard, onderzoekscoördinatoren communiceren meer over abstracte, meer theoretische issues. De samenwerking in netwerken heeft vooralsnog vooral bijgedragen aan kennisgroei bij de betrokken partners, de toegepaste waarde van die kennis is nog beperkt. Dit laatste vermoedelijk omdat de werkplaats ten tijde van dit onderzoek nog pas kort functioneerde en er nog weinig gelegenheid was de opgedane kennis in de praktijk te brengen.

Michels, W.P. (2017). Een analyse van de sociale netwerken en de waarde die wordt gecreëerd in de sociale interacties tussen actoren in de Werkplaats ‘Diversiteit’. Masterscriptie. Amsterdam: UvA

Meer..

 

De coördinator, facilitering en samenwerking bepalend voor succes onderwijsonderzoekswerkplaatsen

In mei 2016 is een pilot ‘Werkplaatsen onderwijsonderzoek po’ gestart waarin in drie regio’s  primair onderwijs, hogescholen en universiteiten samenwerken aan onderwijsonderzoek en aan het vormgeven van een lerende cultuur in basisscholen. Flankerend onderzoek naar het functioneren van deze werkplaatsen laat zien dat de coördinator een essentiële rol vervult bij de ontwikkeling en vormgeving van deze werkplaatsen. De toegekende middelen maken het mogelijk dat de betrokkenen daadwerkelijk in staat worden gesteld om te participeren. Een belangrijk succesvoorwaarde is verder dat de werkplaatsen erin slagen te komen tot een samenwerking tussen de partners op basis van gelijkwaardigheid.

Meer..

 

Respectvolle samenwerking van onderwijspraktijk en onderzoekers basis voor praktijkrelevant onderzoek

Onderzoek inzetten ten behoeve van schoolontwikkeling vraagt om betrokkenheid van alle niveaus in de school. Voorwaarde voor een vruchtbare samenwerking tussen school en onderzoekers is dat de onderzoeksvraag afkomstig is uit de praktijk, gericht is op schoolontwikkeling en tegemoet komt aan de expertise en interesse van de onderzoekers. Dat blijkt uit een literatuurstudie die Oberon en de Universiteit Utrecht hebben verricht in het kader van het flankerend onderzoek naar de werkplaatsen onderwijsonderzoek po.

Meer..

 

Kennisnetwerken van docenten functioneren het best als er een directe link is met het schoolbeleid

Leerkringen, docent-onderzoeksteams en academische werkplaatsen zijn populair in het onderwijs. Docenten die deelnemen aan dit soort kennisnetwerken zijn enthousiast. Er is echter nog weinig bekend over bijvoorbeeld de vraag of het ook lukt om de opbrengsten en inzichten daadwerkelijk toe te passen en verder te verspreiden naar collega’s. Een verkennend deelonderzoek van het NRO-project ‘Kennisbenutting in het voortgezet onderwijs’ gaat in op deze en andere vragen rond kennisbenutting.

Meer..

 

Dragen afstudeeronderzoeken bij aan boundary crossing van onderzoek naar praktijk en vv?

Studenten van de academische pabo voeren een afstudeeronderzoek uit waarbij wetenschappelijk

onderzoek en verbetering van de onderwijspraktijk binnen scholen met elkaar

in verbinding moeten worden gebracht. Om die verbinding (boundary crossing) te realiseren is het van belang dat bij alle betrokkenen sprake is van eigenaarschap en betekenis en dat een dialoog ontstaat.

Meer..

 

foto's Larissa Rand (tenzij anders vermeld) | productie en onderhoud: Elion.nl